PUTTEN – “Rembrandt had de Bijbel goed gelezen toen hij op zijn schilderij “De terugkeer van de verloren zoon” een vader met vrouwelijke trekken afbeeldde.” Dat zei ds. M. Klaassen tijdens de Bondsdag van de Bond van Hervormde Mannenverenigingen op gereformeerde grondslag.

De bijeenkomst in de Oude Kerk te Putten trok zaterdag ongeveer 600 belangstellenden, 100 meer dan vorig jaar. Het thema van de dag was: “Ik geloof in God de Vader”.

Ds. Klaassen, hervormd predikant te Sliedrecht, sprak over “Vader van Zijn kinderen”. Hij stelde dat God niet mannelijk en niet vrouwelijk is. “God als Vader is een beeld, zoals God als Herder een beeld is. God is niet mannelijk en niet vrouwelijk. Hij staat boven de geslachten. Daarom zie je in de Bijbel dat er niet alleen vaderlijke trekken van God beschreven worden maar ook moederlijke.”

Later kwam er een vraag over het schilderij “De terugkeer van de verloren zoon” van Rembrandt waarop een vader met mannelijke en vrouwelijke trekken staat, onder meer aan de handen te zien. Ds. Klaassen: “Rembrandt probeert het vaderlijke en het moederlijke beide duidelijk te maken. Ik denk dat hij de Bijbel goed gelezen heeft. In de Bijbel komt ook het zorgzame van God naar voren.”

Toch moet de spreker niets hebben van de feministische theologie. Feministische theologen hebben volgens hem vooral moeite met de notie van het gezag, de gedachte dat er een God is Die gezag heeft over het leven van mensen. Die gedachte is echter onopgeefbaar, zei hij. “God is de Gezagsvolle, de Gezagsdrager, Die het voor het zeggen heeft. Dit is essentieel voor het Vader-zijn van God.”

Volgens ds. Klaassen heeft het gevolgen dat velen, ook in de kerk, moeite hebben met een God Die gezag heeft en regeert. “Ik denk dat dit de diepste oorzaak is van de gezagscrisis die we in gezin, school en maatschappij zien. Hoe kun je zinvol over gezag spreken als je God als de hoogste gezagsdrager verwerpt?” Concreet noemde hij “schrikbarende ordeproblemen op scholen.”

De predikant erkende dat ieder mens van nature moeite heeft met gezag. “Bekering betekent je eigen autonomie opgeven, erkennen dat je gezondigd hebt tegen het gezag van de Vader en dat je je aan Zijn Woord en wil wilt onderwerpen.” Die onderwerping is volgens hem echter niet benauwend, maar bevrijdend.

Hij trok de lijn van het gezag door naar het huwelijk. “De man is het hoofd van de vrouw. Dat betekent dat mannen geroepen zijn om ootmoedig en dienend leiding te geven aan hun vrouw en hun gezin. Die gedachte staat haaks op onze cultuur. Onze samenleving is doordrenkt van het egalitaire denken en het gaat de kerk niet voorbij. We moeten ons bekeren van dit wereldse denken en leren zien dat we geroepen zijn om in ootmoed en nederigheid leiding te geven aan onze vrouw en onze kinderen, dat er een klimaat ontstaat waarin respect is voor elkaar en respect voor de Heere. Het is nodig daar de gemeente in prediking en catechese op te wijzen.”

Dr. R. W. de Koeijer, hervormd predikant te Putten, had als thema: “Kinderen van hun Vader”. Volgens hem blijft het kindschap van de gelovigen onderbelicht in vergelijking met onderwerpen zoals vergeving van zonden, bekering en geloof in Christus. Hij vindt de kennis van het kindschap van onmisbare betekenis voor de geloofszekerheid en voor de geestelijke blijdschap.

De persoonlijke toe-eigening van het kindschap in de weg van berouw, geloofsovergave en bekering is een onmisbare schakel in het geloofsleven, aldus dr. De Koeijer. “Anders wordt het kindschap een algemene veronderstelling zonder persoonlijke betrokkenheid en zonder kinderleven. Er is geen kindschap zonder Christus en zonder de persoonlijke geloofstoe-eigening.”

De predikant stelde dat de positie van het kind van God in de geloofsovergave aan Hem werkelijkheid wordt. “Gods Geest wordt in het hart uitgezonden en vormt het leven van de gelovige om tot een kinderleven.”

De zekerheid van het kindschap ligt in het verlossingswerk van Christus en is niet gebaseerd op ervaring, omdat die haaks kan staan op de geestelijke werkelijkheid van het kindschap. “De vastheid groeit in de omgang met het Woord, met de sacramenten, in het zicht op het werk van Christus, maar ook via de kinderlijke trekken van het kinderleven, zoals liefde, vertrouwen, vrijmoedigheid en gehoorzaamheid. Hoe sterker de kinderlijke gestalte van het geloofsleven naar voren komt, hoe sterker de zekerheid van de geestelijke aanneming is.”

‘Bondsdag in teken van Vaderschap’, verslag van lezing ‘Vader van Zijn kinderen’, in: Reformatorisch Dagblad, 31-10-2011