De kerk lijkt op een stoel met vier poten. Al in de vroege kerk wordt gesproken over vier kenmerken van de kerk (zgn. notae ecclesiae). Je komt ze tegen in de belijdenis van Nicea: ik geloof één, heilige, katholieke en apostolische kerk. Ze zijn als de vier poten die de stoel dragen. Maar er is er een bij waar we niet zo goed raad mee weten. 

Ja, die eenheid… dat is voor ons protestanten een lastig punt. De bekende theoloog Herman Bavinck schreef terecht: ‘Er ligt (…) in het protestants beginsel naast een kerkhervormend een kerkontbindend element’ (H. Bavinck, De katholiciteit van Christendom en Kerk, Kampen 1968, 38). Op het kerkelijke erf is er sprake van een beschamende verdeeldheid, een lappendeken aan kerken en kerkjes.

Er wordt dan al gauw gesproken over ‘geestelijke’ eenheid en verbondenheid over kerkmuren heen. Natuurlijk, dat is er gelukkig ook: ‘…de éne algemene Christelijke kerk [komt] meer of minder zuiver in de verschillende Christelijke kerken tot openbaring’ (Bavinck, op. cit. 40). Maar ik denk dat Christus meer bedoelde toen Hij bad dat ze ‘allen één zouden zijn’ (Joh. 17: 21). Natuurlijk, de Catechismus verbindt de ‘eenheid’ aan de ‘waarheid’: de Zoon van God vergadert Zijn gemeente in ‘eenheid van het ware geloof’. Eenheid mag dus niet ten koste van de waarheid gaan. Tegelijk: kun je de waarheid hebben zonder eenheid? Dat is best spannend. Want ze zijn allebei belangrijk: eenheid en waarheid. In hetzelfde hoofdstuk waar Jezus zegt: ‘Vader, Ik wil dat ze allen één zijn’, bidt Hij ook: ‘Heilig ze in Uw waarheid, Uw Woord is de waarheid’. Wanneer weegt het een zwaarder dan het andere?

Ik heb in 2004 erg geworsteld of ik kon meegaan met de nieuwe kerk waar de Hervormde kerk in opging. Ik heb uiteindelijk toch de keus gemaakt om het wél te doen. Wat gaf dan de doorslag? Dit: dat in de PKN nog steeds de waarheid van het evangelie klinkt. En uiteindelijk is dát wat een kerk tot kerk maakt. Zolang in een kerk de waarheid van Gods Woord klinkt, het evangelie van Jezus Christus, is het een ware kerk. Nee, dat betekent niet dat alle kerken en gemeenten ‘waar’ zijn. Een gemeente die het gezag van Gods Woord ontkent, het koningschap van Christus miskent en het evangelie van genade en verzoening niet leert, heeft het recht niet op de naam van ‘kerk’. Maar anderzijds: Zo lang in de kerk Gods Woord vrijuit klinkt, de dwaling wordt benoemd en gepareerd en je in je geweten niet gedwongen wordt leringen en praktijken te aanvaarden die tegen Gods Woord ingaan, mag je dan de eenheid verbreken? Volgens mij niet. Ook niet met een beroep op de waarheid. Zoals een Luthers belijdenisgeschrift zegt:‘Voor de echte eenheid van de kerk is het voldoende wanneer men het eens is over de leer van het evangelie en over de bediening van de sacramenten’ (Aug. Conf., VII).