Laten we bij alle discussies over verbond, doop en beloften nooit de kern uit het oog verliezen: het geloof in Christus. Prof. Wisse zei: „Er gaan er met twee verbonden verloren en met drie en er worden er met twee verbonden behouden en met drie.”

De hoofdredactie van het RD bood mij de gelegenheid om te reageren op de recensie van ds. A. Schot van mijn boekje ”Verbonden” (31-10). Ik heb geaarzeld of het wel verstandig was dat te doen. Allereerst ben ik niet uit op discussie en polarisatie rond een gevoelig thema. Verder ben ik van mening dat wie schrijft tegen een stootje moet kunnen en met kritiek om dient te kunnen gaan.

Dat ik dit aanbod toch aanneem, heeft meerdere redenen. Waar mijn boekje bij ds. Schot vragen opriep, riep zijn recensie op haar beurt bij mij vragen op – en niet bij mij alleen. De inhoud bood geen faire weergave van mijn boekje.

”Verbonden” bevat een toegankelijke uitleg van de verschillende verbonden in de Bijbel, gericht op gemeenteleden. Hierbij volg ik de lijn van Calvijn en ds. I. Kievit van de tweeërlei kinderen des verbonds, een benadering waarbij er aandacht is voor zowel de voorrechten van de verbondskinderen als het noodzakelijke appel tot bekering en geloof. Het is niet alles Israël wat Israël heet. Daarom dienen de noodzaak, de mogelijkheid en de werkelijkheid van wedergeboorte, bekering en geloof voortdurend door te klinken in de prediking. Het boekje geeft daar verschillende voorbeelden van.

Kennelijk is dit onbevredigend voor collega Schot. In de recensie wordt alles wat niet overeenstemt met zijn visie tamelijk hardhandig afgekapt. Om zes redenen heb ik hier moeite mee.

Verschillend

In de eerste plaats worden de inhoud en opzet van het boek niet weergegeven en wordt de lezer niet duidelijk gemaakt waar het boek over gaat. Er worden slechts persoonlijk getinte kanttekeningen geplaatst, gelardeerd met persoonlijke emoties („erg teleurgesteld”, „heel erg verdrietig” enzovoorts).

In de tweede plaats mis ik in de bespreking de nodige behoedzaamheid. Verbond en doop zijn thema’s waarover in de gereformeerde gezindte verschillend gedacht wordt. Wie daarover voor het brede forum van de achterban van het RD schrijft, dient dat met voorzichtigheid te doen.

Natuurlijk mag je, binnen de marges van Schrift en belijdenis, je eigen standpunt hebben, maar honoreer ten minste het goede in de visie van de ander en schrijf daar met respect over.

Ik vind het onbegrijpelijk dat een benadering die voluit past binnen de gereformeerde traditie zo aangepakt wordt. Gebeurde dit voor de eigen achterban, bijvoorbeeld in De Saambinder, dan kon ik dit nog plaatsen. Maar niet voor de brede RD-achterban.

John Owen

In de derde plaats bevat de recensie verschillende onjuistheden. Dat (het verbond met) Abraham Gods antwoord is op het mislukte verbond met Adam is gemeengoed in hedendaagse (Schriftgetrouwe) Bijbelwetenschap. Dat het verbond met Israël een herhaling is van het werkverbond is een opvatting die binnen de gereformeerde traditie door velen gedeeld wordt.

Ds. Schot verbaast zich over mijn visie dat het nieuwe verbond niet zonder meer hetzelfde is als het oude (Sinaïtische) verbond. Misschien helpt de vermelding dat een onverdacht gereformeerd theoloog als John Owen daar nog een stap verder in ging. Owen zag het oude en het nieuwe verbond als twee onderscheiden verbonden, in plaats van een tweevoudige bediening van hetzelfde verbond. Kortom, verschillende van ds. Schots opmerkingen doen een lacune vermoeden in kennis inzake het huidige debat over het verbond en de variëteit aan visies binnen het gereformeerd protestantisme.

In de vierde plaats mist de recensie (kerk)historische nuance. Iemand kan goede argumenten hebben voor twee of voor drie verbonden. Tegelijk dient men zich er bewust van te zijn dat we dan niet zonder meer het gelijk aan onze kant hebben. Onze confessie laat zich niet eens uit over de vraag hoeveel verbonden er zijn. Calvijn kende slechts één verbond (het genadeverbond) en het was pas de 17e-eeuwse Westminster Confessie die uitging van twee verbonden. Gezien de variëteit aan opvattingen binnen de gereformeerde traditie is het gesprek hierover dus gebaat bij nuance.

Recht

In de vijfde plaats legt ds. Schot mij dingen in de mond die ik niet gezegd heb. De opmerking dat ik Christus niet als Hoofd van het genadeverbond zou zien, raakt kant noch wal (zie mijn ”De HEERE onze gerechtigheid”, pag. 44, noot 56). Dat geldt eveneens voor de bewering dat ik van het nieuwe verbond een werkverbond maak. Terwijl ik juist grote nadruk leg op het eenzijdige karakter van het nieuwe verbond, waarin God zelf zorgt voor de vervulling van de voorwaarden van het verbond. En waar heb ik gezegd „dat ervan uit wordt gegaan dat alle nakomelingen van Adam in de beloften delen”?

Ik maak in mijn boek (in lijn met de Schotse traditie) een onderscheid tussen een recht van toegang tot de belofte (dat allen hebben) en een recht van bezit (dat alleen de gelovigen geldt). Dergelijke opmerkingen suggereren theologische onrechtzinnigheid en tasten de integriteit van een auteur aan.

Mijn zesde opmerking betreft de moeite die ds. Schot heeft met de wijze waarop de oproep tot het geloof doorklinkt in mijn boekje. Volgens hem maak ik van het geloof een werk. Dat is wel het laatste wat ik bedoel. Mijn opmerkingen hierover liggen in lijn met wat Luther hierover schreef: „Als je nu de wet wilt vervullen (…), welnu, geloof dan in Christus, in wie de genade, de gerechtigheid, de vrede, de vrijheid en alle dingen je toegezegd worden. Geloof je, dan zul je dat alles hebben, geloof je niet, dan zul je al die dingen missen. Want wat voor jou onmogelijk is in alle werken der wet (…) zul je door het geloof via een eenvoudige en korte weg vervullen.” Niet de oproep tot het geloof is problematisch, wel ons onvermogen om dergelijke woorden nog te verstaan.

Laten we bij alle discussie over verbond, doop en beloften nooit de kern uit het oog verliezen: het geloof in Christus. „Er gaan er met twee verbonden verloren en met drie en er worden er met twee verbonden behouden en met drie” (prof. G. Wisse). Het belangrijkste is niet of wij in twee of drie verbonden geloven, maar dat wij in Hem geloven Die gegeven is tot een „Verbond voor het volk” (Jesaja 42: 6).

‘Geloof in Hem Die tot een “Verbond voor het volk” gegeven is’, in: Reformatorisch Dagblad, 9 november 2019