Wat maakt de 66 boeken van de Schrift tot een eenheid? Hoe vinden we de eenheid in de verscheidenheid? Het antwoord van John Frame kan ons helpen: de Schrift is Gods persoonlijke communicatie tot ons.

De Bijbel is een veelkleurig boek. Waar vind je een boek dat zo divers is? Gedurende een periode van meer dan duizend jaar hebben talloze auteurs eraan gewerkt. Boeiende geschiedenissen, lange geslachtsregisters, wetten en waarschuwingen, hoge lof en diepe klacht – je vindt het er allemaal. En toch zitten al deze boeken in één boek met één titel: Bijbel. Overigens laat het Latijnse woord dat aan ons woord ‘Bijbel’ ten grondslag ligt, duidelijk zien dat de Schrift een verzameling boeken is: biblia = boeken. Wat maakt de vele boeken tot een boek? Waarom spreken we over het Woord (enkelvoud) van God? Is de Schrift niet veel te divers om zo te spreken? Kun je eigenlijk wel zeggen: de Bijbel zegt dit of dat? Dat zijn belangrijke vragen.

Omstreden eenheid

Eeuwenlang hebben christenen de Bijbel als het ene Woord van God ontvangen. Vanuit de overtuiging dat achter al die vele auteurs de Heere Zelf de Auteur is, spraken zij over de eenheid van de Schrift. Natuurlijk beseften ze dat die eenheid van de Schrift niet monolithisch (een onsplitsbaar geheel vormend, red.) was en dat je niet zomaar elk woord op elke situatie kon toepassen, wisten ze ook. Toch was er een diep vertrouwen in de eenheid van de Schrift, een eenheid die teruggaat op de ene God. Wie geen vreemde is in het theologisch Jeruzalem, weet dat deze gedachte bij vele theologen allang is opgegeven. Velen zien de Schrift als een kakofonie aan geluiden, een bont geheel van stemmen en meningen, waar je uit kunt pikken wat je aan staat. Spreken over ‘de’ theologie van de Bijbel is er niet meer bij, want de Schrift bevat vele theologieën. De theologie van Paulus is bijvoorbeeld een andere dan die van Jakobus. De (post)moderne, veelgelezen oudtestamenticus Brueggemann ontwaart allerlei stemmen en tegenstemmen in het Oude Testament die vaak in een gespannen relatie tot elkaar staan. Er is meer diversiteit dan eenheid. Hoe kun je eigenlijk zeggen: de Bijbel zegt dit of dat?! Zo’n visie kan een gereformeerd mens verlegen maken. Wie gelooft in de inspiratie van de Schrift, kan niet anders dan de Schrift als het ene Woord van God aanvaarden. Het kan niet bestaan dat de Schrift met zichzelf in tegenspraak zou zijn. Maar wat maakt de Schrift dan tot een eenheid? Hoe vinden we de eenheid in de verscheidenheid? Wie met een gereformeerde bril naar de Schrift wil kijken, zal antwoord op die vraag moeten vinden.

John Frame

Een antwoord dat mij erg heeft aangesproken, kwam ik tegen in een recent boek van de Amerikaanse theoloog John Frame. Hoewel hij in Nederland niet erg bekend is, is John M. Frame in de Angelsakische gereformeerde wereld een bekende naam. Hij verkreeg bekendheid door de publicatie van boeken op het gebied van apologetiek, epistemologie, ethiek en systematische theologie. Hoewel hij de zeventig al gepasseerd is, is Frame nog steeds werkzaam als docent systematische theologie en filosofie aan het Reformed Theological Seminary in Orlando (Florida). Vorige jaar verscheen van zijn hand een uitvoerige studie over de Bijbel, ‘The Doctrine of the Word of God’. Het is onmogelijk om in het bestek van twee artikelen de inhoud van zijn boek recht te doen. Dat heb ik elders proberen te doen. (zie RD, 10 september 2011) In deze artikelen wil ik me vooral focussen op de betekenis die Frame kan hebben bij de zoektocht naar de eenheid van de Bijbel.

Het voorstel van Frame

De centrale these van Frame is kort gezegd: de Schrift is Gods persoonlijke communicatie tot ons. De eerste zin van hoofdstuk 1 maakt duidelijk wat de auteur hiermee bedoelt: ‘De belangrijkste bewering van dit boek is dat Gods spreken tot de mens echt spreken is. Het lijkt erg op hoe de ene persoon tot de ander spreekt. God spreekt zo dat wij Hem verstaan kunnen en op de gepaste wijze kunnen reageren.’ Dit laatste element – het gehoorzamen – is belangrijk. De Schrift is in Frames optiek het document van de God die Heer is (Lordship): het is gezaghebbend spreken dat gehoord wil worden. Degene die hoort, is in de eerste plaats het verbondsvolk van God. Daarmee kom ik op de gedachte die voor dit artikel erg belangrijk is: Frame betoogt dat de Schrift bijeen wordt gehouden door de gedachte van het verbond. De Bijbel is in zijn visie het verbondsboek van God voor het verbondsvolk van God.

De rode draad van het verbond

In de reformatorische traditie speelt de gedachte van het verbond een cruciale rol. De manier waarop God Zich verhoudt tot mensen, loopt altijd via het verbond. Telkens weer zien we in de Schrift hoe God een verbondsrelatie aangaat met mensen: Adam, Noach, Abraham, Mozes, David, Jezus. In die verbondsrelatie is het spreken van God van cruciaal belang: God belovend, waarschuwend en vermanend spreken vraagt om de respons van de aangesproken mens. Het aansprekende van Frames visie is dat hij de verschillende genres die we in de Bijbel tegenkomen, verbindt aan het verbond. De wetsliteratuur maakt duidelijk wat God verwacht van Zijn verbondsvolk. De historische boeken laten de reactie van het verbondsvolk op die wetten zien. De Psalmen bevatten de lofprijzingen, de klachten, de vragen, de zegeningen en de vervloekingen die op lippen van het verbondsvolk zijn. De wijsheidsboeken bevatten de toepassing van de verbondswet op menselijke problemen en vragen. De profetische boeken verwoorden Gods aanklacht tegen verbondsbrekers en beloven tegelijkertijd verbondsvernieuwing. De Evangeliën en Handelingen presenteren de geschiedenis van het nieuwe verbond en in de Brieven vinden we de toepassing van dat nieuwe verbond aan gelovigen. Hoe Frame dit nader uitwerkt, hopen we volgende keer te zien.

‘Bijbel als verbondsboek’, deel 1 van een serie van twee artikelen over ‘De eenheid van de Schrift’ (n.a.v. J.M. Frame, The Doctrine of the Word of God, Phillipsburg 2010), in: De Waarheidsvriend, 27-10-2011, pag. 12-13