Is geweld in een relatie een legitimatie voor ontbinding van een huwelijk? Ellen Bouman meent van wel. Ds. M. Klaassen plaatst daar kanttekeningen bij.Vanaf het vroegste christendom heeft de kerk twee motieven voor scheiding geaccepteerd: ontucht (”hoererij” in de Statenvertaling, Mattheüs 19:9) en kwaadwillige verlating omwille van het geloof (1 Korinthe 7:15). Hertrouwen terwijl de partner van wie men gescheiden was nog in leven was, was in de Vroege Kerk niet toegestaan, zelfs niet na overspel. Daarover bestond eeuwenlang eensgezindheid.
Na de Reformatie wordt een verschuiving zichtbaar. Waar de Gereformeerde Kerk in Nederland tot aan het eind van de zestiende eeuw slechts één echtscheidingsgrond kent, namelijk overspel, ontstaat aan het begin van de zeventiende eeuw ook ruimte voor scheiding na ”malitieuse desertie” (kwaadwillige verlating). Waar Paulus schrijft over kwaadwillige verlating omwille van het geloof vindt hier een verruiming plaats naar ándere vormen van verlating (dus niet alleen verlating van een gelovige door een ongelovige).
Scheiding van tafel en bed
Mijns inziens heeft dit aan de basis gestaan van een omstreden verdere verruiming van echtscheidingsgronden binnen het protestantisme. Op grond van allerlei analogieredeneringen wordt er ruimte gecreëerd die er in het licht van de Schrift en de traditie niet is. Het lijkt dat systeemtherapeut Ellen Bouman in haar artikel ”Geweld kan Bijbelse grond zijn voor echtscheiding” (RD 5-3) deze lijn ook volgt als ze betoogt dat geweld ook een Bijbelse grond voor scheiding is. Bouman keert zich ook tegen de denklijn van de synode van de Gereformeerde Gemeenten dat geweld geen legitimatie voor scheiding is. Het is natuurlijk evident dat geweld in een relatie verschrikkelijk is. Geweld creëert enorme onveiligheid voor een echtgenoot en eventuele kinderen. Ik heb dit helaas meer dan eens meegemaakt in het pastoraat. Het is traumatisch en moet stoppen. Wanneer de geweldsspiraal niet stopt, moeten gezinsleden in veiligheid gebracht worden. Zolang verbetering zich niet aandient of het gevaar van herhaling aanwezig is, is (tijdelijke) scheiding van tafel en bed gelegitimeerd. Maar Bijbels gezien is er dan nog geen sprake van ontbinding van de huwelijksrelatie.
Heilige traditie
Als dit onverhoopt toch gebeurt door een wanhopige, beschadigde en getraumatiseerde huwelijkspartner, ben ik haar (meestal is het een zij) nooit hard gevallen. Paulus’ woorden „en indien zij ook scheidt” (1 Korinthe 7:11) laten zien dat hij deze ”onmogelijke mogelijkheid” ook kende. Maar dan wel met de restrictie: dat zij ongetrouwd blijve of zich met de man verzoene (1 Korinthe 7:11). Een huwelijksband is ook na een scheiding niet weg, ook niet als een huwelijk voor de wet ontbonden is. Dat is pas het geval als de partner in kwestie overleden is. Dan is zij „vrij om te trouwen die zij wil, alleen in de Heere” (1 Korinthe 7:39). We doen er goed aan deze heilige traditie vast te houden.
De auteur is predikant bij de hersteld hervormde gemeente te Barneveld.